wat is fascisme?

Wat is fascisme?

Fascisme is een extreem nationalistische beweging, die leidt tot een politiek systeem met bepaalde (nare) kenmerken.

Fascistische bewegingen gebruiken zondebok-politiek: ze geven een specifieke groep mensen de schuld van economische en sociale problemen in het land, en zeggen dat deze problemen kunnen worden opgelost door tegen deze groep te ‘strijden’.

Wordt dat niet gedaan, zeggen ze, dan zullen de problemen erger worden. Het zou in het belang zijn van het land. Daarom is in deze ‘strijd’ alles geoorloofd, ook inperking van vrijheden en geweld. Maar in werkelijkheid is deze zondebok-groep helemaal niet de oorzaak van de problemen.

Toch lukt het zo’n fascistische beweging, door misinformatie te verspreiden en haat te zaaien, om supporters te vinden. Ze gebruiken deze steun om macht op te bouwen binnen de politiek, met als uiteindelijk doel om volledig de macht over te nemen.

Hebben ze deze macht in handen, dan kunnen ze vervolgen wie ze maar willen. Niet alleen de zondebok-groep, maar ook mensen die kritiek uiten, niet met ze meewerken of mensen die om een andere reden als ‘vijand’ van de beweging worden gezien.

Vervolgens wordt er niets gedaan aan de daadwerkelijke problemen waar men tegenaanloopt. Iets doen aan de woningnood? Ervoor zorgen dat iedereen het ruim genoeg heeft om hun kinderen niet met honger naar school te sturen? Met de zondebok als bliksemafleider, is het voor de fascistisch leider helemaal niet nodig om hier daadwerkelijk iets aan te doen. De belofte dat alles beter is wanneer de ander weg is, is genoeg. Terwijl deze problemen veroorzaakt zijn door degenen aan de macht: degenen die met hun vinger wijzen naar de zondebok.

Waarom is het belangrijk fascisme te benoemen?

Fascisme is een gewelddadige en wrede ideologie die mensen aanzet tot haat. Historisch gezien is het fascisme een van de meest vernietigende bewegingen die er ooit is geweest.

We leren van het verleden hoe belangrijk het is om ons hier tegen te verzetten. Maar wanneer fascistische bewegingen opkomen, doen ze zich vaak voor als een normale “nette” politieke stroming, en wordt het gevaar ervan niet op tijd serieus genomen.

Het erkennen van deze gebeurtenissen voor wat ze zijn, is de eerste stap richting actie. En actie is hard nodig, want het fascisme groeit.

Wat gebeurt er nu in Nederland?

Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog hebben extreemrechtse partijen langzaam maar zeker weer de ruimte gekregen in de Nederlandse politiek. In de jaren ’80 kwam voor het eerst sinds de bezetting een extreemrechtse partij, die zich specifiek tegen migranten richtte, in het parlement.

Het waren toen maar een paar zetels, maar tegenwoordig zit de PVV in het centrum van de macht. Er is veel overlap tussen extreemrechtse en fascistische denkbeelden, en de normalisering van extreemrechts heeft alle ruimte gegeven aan de huidige ontwikkelingen.

De anti-islam, anti-vluchteling, en racistische acties van de huidige overheid, in combinatie met het inperken van het demonstratierecht, het arresteren van dissidenten, het excessieve politiegeweld en het misbruiken van noodwetgeving om wetten door te voeren, laten de alarmbellen rinkelen.

Wat kun je doen?

We kunnen ons door het verleden laten waarschuwen voor fascisme, maar daarnaast ook laten inspireren om er tegen in verzet te komen. Samen kunnen we een hoop bereiken!

Als je actie voert tegen fascisme, dan is dat anti-fascistische actie. Je hoeft je hiervoor dus niet bij een groep aan te sluiten (al kan dat wel). We hebben hier voorbeelden van dingen die je kunt doen, zoals brieven en mails schrijven, demonstreren, supporten, onderzoek doen en geld doneren.

Het fascisme probeert altijd manieren te vinden om mensen te verdelen, daarom is solidariteit en samenwerking zo essentieel, en daarom gaan met z’n allen aan de slag. ❤️

Laten we ons laten inspireren door de bekende uitspraken van Niemoller uit 1946:

Toen de nazi’s de communisten arresteerden, heb ik gezwegen;

ik was immers geen communist.

Toen ze de sociaaldemocraten gevangenzetten, heb ik gezwegen;

ik was immers geen sociaaldemocraat.

Toen ze de vakbondsleden kwamen halen, heb ik niet geprotesteerd;

ik was immers geen vakbondslid.

Toen ze de Joden opsloten, heb ik niet geprotesteerd;

ik was immers geen Jood.

Toen ze mij kwamen halen

was er niemand meer, die nog protesteren kon.